Lid sinds: 20 oktober 2005 Locatie: Almelooo Leeftijd: 45
Berichten: 935
|
Ik zie dat er in die 25 jaar eigenlijk weinig veranderd is. Wat kleine dingetjes, maar dat zijn eerder verduidelijkingen dan aanpassingen. Lekker simpel reglementje, en zo hoort het ook. NSO TECHNISCH REGLEMENT 2008 (Bron: NSO website) PRESTATIEBEÏNVLOEDENDE REGELS ZIJN VETGEDRUKT
(wanneer een rijder in overtreding is op de prestatiebeïnvloedende regels, zal de gereden heat nietig worden verklaard)
Bij overtreding van niet-prestatie beïnvloedende regels, bepaalt de wedstrijdleiding en/of de NSO-reps of de rijder die wedstrijd met dat mankement mag uitrijden, of dat de rijder voor die wedstrijd geschorst wordt. Als een rijder in overtreding, een wedstrijd mag uitrijden, moet de organiserende vereniging alle andere verenigingen hiervan in kennis stellen, zodat elke vereniging hiervan op de hoogte is. De rijder mag pas aan een volgende wedstrijd deelnemen als het mankement verholpen is.
1. Elke modelstockcar moet redelijkerwijs lijken op een Engelse full-size stockcar. De kap mag niet doorlopen tot boven banden en/of zijbars.
2. De lengte bedraagt minimaal 41 en maximaal 45 cm. De breedte bedraagt minimaal 21 en maximaal 24 cm. Het gewicht bedraagt rijklaar met volle tank minimaal 3,5 en maximaal 4.0 kg. Het regengewicht bedraagt maximaal 4.2 kg. De wedstrijdleiding geeft aan wanneer dit regengewicht gehanteerd wordt.
3. Zowel voor- als achterbumper moeten een raakvlak van minimaal 10 en maximaal 20 mm hebben. De afstand tussen onderkant bumper en wegdek moet minimaal 3,0 en maximaal 4,5 cm zijn.
4. De vier bumperuiteinden, en de chassisbuizen aan de voorzijde, moeten deugdelijk afgedicht zijn en mogen geen scherpe randen of hoeken hebben. Overige buizen, spoilers, dakplaatjes en antennes mogen eveneens geen scherpe randen, hoeken of uiteinden hebben. Spoiler en dakplaatje moeten van kunststof zijn.
5. Op de voor- en achterbumper moet een bumperbar gemonteerd zijn met een hoogte van min. 1,5 en max. 5,0 cm.
6. Er moeten zijbars gemonteerd zijn waarvan het raakvlak op dezelfde hoogte moet liggen als het raakvlak van voor- en achterbumper. De hoogte van het raakvlak van de zijbars moet min. 6,0 en maximaal 12,7 mm. zijn. Bij ronde zijbars moet de diameter aan bovengenoemde maten voldoen.
7. Het chassis (hoofdliggers, bumpers enz.) moet van kokerprofiel van staal zijn.
Een rijder mag per race slechts van één en hetzelfde chassis gebruik maken.
8. Afwijkende constructies m.b.t. chassis, plaats van de motor, schommelarmen en/of kap zijn niet toegestaan.
9. De maximale breedte van regen- én droog weer banden is 35 mm. De cilinderinhoud is maximaal 3,5 cc.(0,214 cu.inch). Aanduiding= .21 Dubbele motoren en/of motoren met meer dan 1 cilinder zijn niet toegestaan. Geen enkele bewerking aan de motor die het vermogen of de cilinderinhoud zou kunnen vergroten is toegestaan. Een rijder die de maximum cilinderinhoud overschrijdt, wordt. levenslang geschorst . Een rijder die een onderzoek wil van de cilinderinhoud van een andere rijder, moet 100 euro betalen. Als het onderzoek uitwijst dat de aangeklaagde motor niet voldoet, krijgt de
aanklager zijn geld terug; in het andere geval gaat het geld naar de NSO kas.
10. Het motorgeluid moet aan de eisen voldoen die door de wedstrijdleiding en/of gemeente worden gesteld. Als richtlijn kan de landelijke norm gehanteerd worden die luidt: max. 100 dB, gemeten aan de rand van het terrein, of 80 dB op een afstand van 7 meter.
11. Het gehele uitlaatsysteem moet binnen de kap gemonteerd zijn, en de uitlaatgassen moeten omlaag gericht zijn. (uit sociaal oogpunt in het rennerskwartier) Het uitlaatsysteem m.u.v. de bocht en de uitstroomopening moet binnen het verlengde van de raakvlakken van de achterschommels met het chassis liggen. De uitstroomdiameter van de uitlaatpijp mag maximaal 8 mm zijn. Ingeval van twee uitstroom pijpjes, mogen die alle twee maximaal 6 mm zijn. De meetplaatjes mogen op geen enkele manier in de uitlaat passen.
12. De hoogte van de achterkant van de kap, exclusief spoiler of dakplaatje, is minimaal 8,5 en maximaal 13 cm. De afstand tussen wegdek en het hoogste punt van de kap, exclusief spoiler en dakplaatje, is minimaal 13 cm.
13. Geen enkele vorm van differentieel en/of rem is toegestaan. De aandrijving moet enkelvoudig en direct op de achteras zijn, en wel via de gebruikelijke tandriem. Andere aandrijfsystemen zijn niet toegestaan.
14. Zowel bij regen als droog weer mag er geen hulpmiddel op de banden gesmeerd of gespoten worden.
15. De voorwielen moeten, d.m.v. fuseeblokken en -pennen, verticaal kunnen veren.
16. De ongedeelde achteras moet d.m.v. schommelarmen kunnen veren. Het draaipunt van deze schommels mag niet verder dan 2 cm verwijderd zijn van de hartlijn van de krukas en het koppelingshuis.
17. Het gehele dak (excl. de stijlen) inclusief de eventueel gemonteerde spoiler, moeten dezelfde kleur hebben, overeenkomend met de op dat moment geldende dakkleur van de rijder. De horizontale afmeting van de spoiler, gemeten evenwijdig aan het hoofdvlak van de spoiler zijn maximaal 17cm x17 cm. 18. Het startnummer en de naam van de rijder moeten duidelijk zichtbaar aangebracht zijn.
19. Een rijder is zelf verantwoordelijk voor de bevestiging van de transponder. De transponder moet onder de spoiler of onder het dak worden bevestigd.
20. Het keuren gebeurt na de heat. Tevens is het niet toegestaan om tussen het eindsignaal en de keuring ook maar iets aan de stockcar te wijzigen
21. Bij situaties waarin het reglement niet voorziet, wordt in overleg met de NSO-reps en de wedstrijdleiding indien mogelijk een tussenoplossing gekozen en z.s.m. overleg gepleegd met de NSO-coördinator. Vevallen is Rood Toegevoegd is Groen Het aantal tanden van het aandrijfrondsel voor witdakkers is minimaal 8 (bij 2.5cc motoren n.v.t.).
Het aantal tanden van het aandrijfrondsel voor geeldakkers is minimaal 7 (bij 2.5cc motoren n.v.t.).
__________________
Team Kyosho - Ultimate Nitro Pro
|