Een Geier heeft twee kielvlakken vast op de vleugel staan. Ikzelf heb al jaren zo’n vliegende vleugel in gebruik (zie de hier eerder genoemde BIGGS sleepvlucht) en ik kan je verzekeren dat die kielvlakken altijd in de weg zitten als ie in de auto meemoet. Dat die dingen in de loop der jaren nog niet afgebroken zijn, is me nog steeds een raadsel.
Maar we moesten een praktische oplossing vinden: de kielvlakken moesten demontabel zijn.
De kielvlakken worden normaliter tussen twee ribben ingeklemd en vastgelijmd. Wij hebben ervoor gekozen om ‘m niet vast te lijmen, maar gewoon tussen de twee ribben in te schuiven. Aan de voorzijde schuiven we ‘m dan tussen de twee hoofdliggers en aan de achterzijde gaat ie dan ‘met de hak in de schoen’.

En om ervoor te behoeden dat ie alsnog tijdens de vlucht het hazenpad kiest, hebben we er magneetjes onder gelijmd, die weer aangetrokken werden op een stukje metaal in de vorm van een sluitring in de vleugel. Voila, handig tijdens het transport en zo vast als een huis.
Nog een kleine verandering aan het bouwconcept: een stuurstanghuls door de gehele vleugel om er de antennedraad van de ontvanger doorheen te schuiven. Handig met een propeller achterop waar ie zo dus niet tussen kan komen.
En in de ribben zaten nog de gaten waar de draadeinden doorheen zijn gegaan. Dus daar kon die huls mooi doorheen. Jammer dat er bouwers bijzaten die hier pas aan dachten toen de beplanking er al van twee kanten opzat… Een modelvliegtuig bouwen is ook een beetje vooruit denken.

Gelukkig hebben we bovenstaand probleem nog met kunst en vliegwerk (je bent niet voor niets een vliegclub) kunnen oplossen. We hebben de huls nog een stukje naar achteren kunnen plaatsen waar geen beplanking zit. Het gevolg is nu wel, dat we in een van de kielvlakjes een gleufje moeten maken zodat deze over de antennehuls valt. Op de foto zijn de twee gaten in de ribben zichtbaar voor draadeinden. De antennehuls zou door het voorste gat moeten gaan...
En het houdt nog niet op met de afwijkingen. Origineel werden de twee servo’s op zo’n mixerslee gemonteerd. Want vroeger had men nog geen mixfunctie in de zender zitten en moest de hoogteroerservo zichzelf en de rolroerservo op en neer trekken over zo’n stukje rails. Een mooie doordachte constructie, maar daar begonnen we toch maar niet meer aan. Zoals bij bijna alle toestellen bouwden we ook hier twee servo’s in de vleugel voor een directere aansturing.